21 juni 2009 - 17:12 door Wesley Boots

WIJDENES – Zaterdag hadden enkele opstappers besloten om hun vaartechniek wat bij te spijkeren. Wat er ook gebeurt, op het water meldt een reddingsboot zich altijd aan bij de Kustwacht via noodkanaal 16 van de marifoon en luistert dat kanaal vervolgens af.
Zo ook nu. Op een gegeven moment werd de Simac van Zeevang geattendeerd op een leeg ronddobberend oranje bijbootje. Dat is zo’n klein bootje die grotere schepen vaak aan dek hebben liggen of achter zich aan slepen. Het lag een eind onze richting uit dus de Simac riep de Mantelmeeuw op via kanaal 16 om te komen assisteren. Je weet namelijk niet wat je aantreft. Misschien liggen er wel drenkelingen te water. Aangekomen bij het bootje bleek dat gelukkig niet zo. Sterker, het bijbootje was zodanig toegetakeld, dat het onmogelijk nog recent gebruikt kon zijn. Hoe ze hier was beland zal wel altijd onduidelijk blijven, maar ergens mist iemand nu een oud, kapot bijbootje. Je mag zo’n ding niet laten liggen. Het kan later niet alleen opnieuw alarmeringen opleveren, het is ook gewoon gevaarlijk. Er zal maar een snelle boot bovenop knallen. Dan heb je zeker te weten wel drenkelingen…. De bijboot is aan boord van de Mantelmeeuw genomen en is afgevoerd naar de wal. Nauwelijks aan wal kwam via kanaal 16 een noodoproep binnen van een zeiljacht in de buurt van Hoorn. De plaatsbepaling was niet heel erg exact, dus na onderling overleg via de marifoon zijn de Simac van Zeevang, de Hayo van Hoorn en onze eigen Mantelmeeuw op weg gegaan. Gedrieën bij het zeiljacht aangekomen bleek er geen sprake van een motorstoring zoals gemeld, maar gewoon van een lege dieseltank. Besloten werd om het zeiljacht naar de bunkerboot in Hoorn te slepen. Een van de reddingsboten is vooruit gevaren om te zorgen dat het zeiljacht gelijk geholpen kon worden. Heb je namelijk een lege dieseltank, dan is het niet alleen een kwestie van tanken, maar dan moet de boel ook eerst ontlucht worden, voordat je de motor weer aan de praat kunt krijgen. Eenmaal in Hoorn was het uiteraard logisch dat we zelf ook gingen bunkeren. Het pechjacht had na het tanken de motor weer aan de praat en was op weg gegaan naar de Grashaven. Dat is een paar honderd meter verderop. Maar al snel meldde ze zich opnieuw op kanaal 16. De motor had opnieuw de geest gegeven, terwijl ze al op het punt stond om te gaan afmeren. Waarschijnlijk had de motor bij het opzuigen van de laatste restjes diesel nogal wat vuil opgezogen en was het brandstoffilter verstopt. Maar aan die wetenschap heb je niet zo veel als je midden in een drukke jachthaven stuurloos ronddobbert. De diverse reddingboten zijn dus nog even snel de Grashaven ingedoken om te helpen bij het afmeren. De aanlegplaats van de Hayo ligt op een steenworp afstand van de Grashaven, dus de operaties zijn afgesloten met een bakje koffie op de reddingspost van de Reddingsbrigade Hoorn. We komen de dames en heren van de Reddingsbrigade Hoorn relatief weinig tegen op het water, omdat hun post alleen in het weekeinde wordt bemand.
Foto’s : Reddingsbotenwijdenes